Landing

sverige-flag

Eindelijk was de dag dan toch aangebroken. De verhuizers stonden op de stoep en ons hele materiële bestaan was gereduceerd tot 28 m2 en dat voelde stiekem wel heel goed. We waren er wel klaar voor….die weken/maanden van voorbereiding waren allemaal voor dit moment geweest. Kom, we gaan!

We stopten de grijze oude dame (inclusief dakkoffer!) vol met de spullen die we voor de eerste vier maanden in ons huurhuis nodig hadden en waren klaar voor onze laatste nacht in Nederland. Het werd een hotel van een bekende keten aan de voet van Nijmegen waar de kamers goed zijn en het eten klinkt alsof het heel duur is maar smaakt alsof het rechtstreeks bij de Sligro vandaan komt. 

Als we de volgende dag mistig Huissen binnen rijden voor een laatste inspectie van het huis voelt het zo goed dat we deze keuze gemaakt hebben. Weg uit suburbia met haar WhatsApp buurtpreventie en petities tegen bomen waar teveel bladeren vanaf komen. Weg uit dit micro-polder-klimaat waar we zogenaamd met elkaar begaan zijn…..Doei! 

Lake Mycklaflons

We trekken de deur achter ons dicht en geven de sleutels aan de makelaar, nog even de banden van de grijze oude dame op spanning brengen en we vertrekken nu echt. Meef zit op de achterbank ingebouwd tussen de jassen, tassen, flessen en overgebleven kamerplantjes die we omzichtig Zweden in willen smokkelen. We hadden er 50 en het zijn er nog een handvol die de reis hopelijk gaan overleven. 

De reis naar Denemarken verloopt voorspoedig. Zelfs zo voorspoedig dat we nog ruim de tijd hebben om een hap te eten in het stadje (Fehmarn) in Duitsland vlak voordat we de pont op moeten. In een pizzeria gerund door de familie zero-fux-given (zal wel iets Italiaans zijn) krijgen we een prima pizza. Uit voorzorg hadden we een hele late pont geboekt, files en eventuele wagenziekte van Meef meegerekend, maar dat bleek al snel een pessimistisch uitgangspunt. Geen file gezien en Meef houdt zich kranig op de achterbank (met dank aan Kazoops en de Puffin Rock).

Op de pont verbazen we ons weer over die heerlijke Deense taal (die lui slikken echt alles in!) en we wanen ons in een aflevering van Dicte of The legacy. Gek taaltje dat Deens…

Onze achtertuin

In het pikkedonker komen we aan bij tante (zo voelt het toch een beetje) Ingrid in Rødbyhavn. Hier hebben we al vaker geslapen onderweg naar en weer terug van Zweden. Een praatgrage dame die samen met haar man Jan een Air BnB plekje heeft. Ze heeft lichte hoarder trekjes, in elk kastje wat je opentrekt vind je niet 1 artikel of voorwerp maar minstens 10 dezelfde, maar is zo gast vrij en hartelijk als de pieten. Aanrader als je ooit nog een plekje in Denemarken zoekt.

De volgende ochtend wrikken we ons los uit de spraakwaterval die Ingrid is en vertrekken we met drie dikke zoenen (Continental!) voor de laatste etappe van onze grote sprong noordwaarts. 

Wat gelijk opvalt is het asfaltgedrag van de gemiddelde Scandinaviër, lekker ontspannen rijden, geen bumperkleef gedoe. Heerlijk! Voor we het weten zijn we bij de brug (ja die ja) en rijden in de mist met een bijpassende soundtrack het voor ons beloofde land binnen. We zijn er!

Dierensporen spotten in de achtertuin

Met ons beste smokkelaars gezicht (hopelijk willen ze niet in de achterbak kijken bij onze plantjes) en een welgemeend Tack så mycket rijden we langs de dame van de douane op weg naar Älmhult. Het moederschip van IKEA want er moet (we zijn er nu toch) nog gesolliciteerd worden. Waar ik eerst dacht dat het wel wat zou kunnen zijn, werken tussen de expats op een internationale school, lijkt toch wel tegen te vallen. Onduidelijke afspraak die bijna niet doorgaat, toch nog opgevangen worden door iemand die eigenlijk helemaal niets weet over de functie, en als kers op de taart een rit van 2 uur+ (enkele reis) naar je werk vanaf de plek waar we ons gaan vestigen.

Als we verder rijden twijfel ik nog even maar komen we al snel tot de conclusie dat dit geen goed idee is om verder mee te gaan. Het is hier om half vier al donker aan het worden en elke 2 uur+ op onverlichte mistige snelwegen van Zweden naar huis rijden is slecht voor mijn zenuwen. Dat roze papiertje heb ik ook nog maar net, dus al mijn prille driving skills kan ik gelijk tot een maximum beproeven. Mijn zenuwen zijn me nog dankbaar…

Gewoon een mooi blaadje

We hebben nog even kort telefonisch contact met Hanny van Mycklaflons camping. Via haar huren we een prachtig vakantie huisje voor de komende 4 maanden. Samen met haar man Ben wachten ze ons op aan het begin van het dorp en rijden we achter ze aan naar ons plekje voor de komende tijd. Een slingerweg door het bos en heel veel sneeuw en gladheid. Daarvoor hadden we al een hert en een vos de weg over zien vliegen dus we waren als de dood dat we nu ineens groot wild in de schijnwerpers zouden krijgen. 

Als we aankomen bij het huis zijn ook de eigenaren Erik en Carina aanwezig, ze hebben de jachtkleding aan want ze gaan zo nog even een paar wilde zwijnen vangen. De ontvangst is overweldigend gastvrij te noemen. Er wordt een stortvloed van informatie over ons uitgestort in het zweeds/engels en ondertussen loopt Ben flauwe grappen te maken over het leven in Zweden. Dat alles vijf stappen langzamer gaat en dat iedereen elkaar hier helpt. Klinkt goed! 

Als de storm is gaan liggen en onze 2 gastvrouwen en 2 gastheren weg zijn blijven we achter in een typisch Zweeds huis waar twee houtkachels heerlijk staan te snorren en we ons eindelijk thuis kunnen voelen.

Välkommen hem!

 

Hem

Dotzirk 2017 © | No pixels were harmed making this website

Visit Dotzirk instagram